Tony Levin, de bekende bassist en multi-instrumentalist, presenteert met "Pieces of the Sun" zijn derde soloalbum, een instrumentaal meesterwerk dat de grenzen van progressieve rock, art rock en jazz fusion verzet. Dit album, uitgebracht op 1 januari 2002 via Narada, biedt een unieke mix van genres en stijlen die zowel fans van progressieve rock als jazz-liefhebbers zullen boeien.
"Pieces of the Sun" duurt 1 uur en 7 minuten en bevat 12 nummers, elk met een eigen karakter en sfeer. Tony Levin speelt op dit album basgitaar, stick en cello, en wordt ondersteund door een talentvolle band bestaande uit Jerry Marotta op drums, Larry Fast op synthesizers en Jesse Gress op gitaar. De samenwerking tussen deze muzikanten resulteert in een rijke en veelzijdige klank die de hele plaat doorheen te horen is.
Het album opent met "Apollo", een nummer dat meteen de toon zet met zijn krachtige ritmes en complexe melodieën. "Geronimo" en "Tequila" zijn voorbeelden van de jazzige invloeden die door het album heen te horen zijn, terwijl "Pieces of the Sun" en "Ever the Sun Will Rise" de progressieve rock-essentie van het album onderstrepen. "Blue Nude Reclining" en "Silhouette" sluiten het album af met een subtiele en introspectieve toon.
"Pieces of the Sun" is een album dat zowel voor fans van Tony Levin als voor nieuwkomers een rijk en divers muzikale ervaring biedt. Met zijn unieke mix van genres en stijlen, en de uitstekende samenwerking tussen de bandleden, is dit album een hoogtepunt in de carrière van Tony Levin.